De tellende teler | 08-04-2009 |
TYPERING MODULE
Ontwikkeld voorHavo 4 Docentenhandleiding Leerlingenhandleiding
Leerstofgebied
Stofwisseling en Ecologie
Omvang
21 lessen van 50 minuten en een toets (50 minuten)
Didactische typering
Leerlingen maken in groepjes mede (honingwijn) en voeren in deze context allerlei opdrachten (queesten en bio-alchemische handelingen) uit die met het proces van wijn maken te maken hebben. Een klein rollenspel verhoogt de motivatie van leerling en docent extra. Saccharomyces cerevisiae (gist) is het organisme waar het allemaal om draait. Tegelijkertijd worden allerlei voorbeelden uit de praktijk (context) van de teler/landbouwer gebruikt om begrippen aan te leren. Leerlingen berekenen suiker/alcoholgehalte van hun eigen wijn en klonen hun eigen gistcellen. Werkvormen als het maken van een filmpje om de mitose te verduidelijken en discussiëren over drankgebruik houden de leerlingen enthousiast tijdens de lange maar gevarieerde lessenserie.
Korte omschrijving van de lessenserie en de gebruikte contexten
De docent gebruikt voorbeelden vanuit de beroepscontext van de teler/landbouwer. Concepten als assimilatie, maar ook ongeslachtelijke voortplanting en abiotische factoren komen daarin aan bod. Er is plaats voor een gastspreker over het maken van kuilvoer (anaerobe dissimilatie). De docent krijgt in de vorm van bijlagen genoeg achtergrondinformatie, er wordt beeldmateriaal bekeken en er worden door leerlingen filmpjes gemaakt van de mitose.De aanleercontext is dus de beroepscontext van de teler/landbouwer.
Parallel aan de aanleercontext krijgen de leerlingen de rol van wijnproducent en mogen hun eigen honingwijn maken. De concepten uit de aanleercontext moeten ze in de oefencontext toepassen. Hierin worden ook verbanden gelegd naar hun eigen alcoholgebruik (leefwereld). De practica zijn een realistisch onderdeel van de context. Zo worden suiker/alcohol gehaltes bepaald, strijkplaten gemaakt met hun gistcellen en via een protocol gaan ze elkaars wijnen proeven (niet drinken!).
De oefencontext is dus de beroepscontext van de wijnproducent
Er zijn twee toetsen van 50 minuten ontwikkeld. In deze toetsen komen de concepten die ze inmiddels hebben aangeleerd en toegepast terug in twee nieuwe contexten. In toets A staan aspecten uit het proces van het bierbrouwen centraal. In toets B komen voorbeelden uit de praktijk van de natuurbeheerder aan bod.
De toetscontexten zijn dus beroepscontexten vanuit het bierbrouwen en de natuurbeheerder.